Het is 6 januari. Alles ziet er rustig uit. Zie je wel, ik zei het toch! 2017 begint alvast goed zo. Ik krijg van de gynaecoloog de goedkeuring om over twee dagen met de stimulerende hormonen te beginnen voor een nieuwe ICSI ronde. Omdat de follikels de vorige keer niet zo goed groeiden en het er weinig waren, willen ze dat ik nu een extra hoge dosering ga spuiten. Normaal gesproken geven ze niet boven de 225 eenheden en ik moet nu 300 eenheden gaan spuiten. Wow, oké. Nou dat wordt wat, denk ik bij mezelf. Mijn stemming gaat meestal niet zo gezellig samen met hormonen en als het er zoveel zijn, nou berg je dan maar.

Na vijf dagen stimulatie is het tijd voor de eerste controle van de eitjes. En ik moet zeggen, mijn stemmingswisselingen hebben zich over het algemeen aardig koest gehouden. Alleen zijn mijn darmen niet zo blij met al die hormonen en hebben ze besloten om in staking te gaan. Dat is wel naar, maar goed daar zijn genoeg middeltjes voor. En ik voel me echt uitgeput, maar goed, dan doe ik dus gewoon wat rustiger aan (want daar ben ik zo goed in).

Ik vind deze echo echt spannend, ik heb er zelfs wakker van gelegen vannacht. Ik heb mijn handen op mijn buik gelegd en hem goed toegesproken. ‘Graag veel follikels alstublieft’.

De gynaecoloog begrijpt wel dat ik zenuwachtig ben, hij vindt het zelf ook een beetje spannend. Hij kijkt op het scherm en zit een beetje te turen. ‘Hm. je baarmoederslijmvlies ziet er een beetje rommelig uit en ik zie maar één piepkleine follikel’.

Ja hoor, wat is dit nou weer? Dat kan toch niet? Het probleem zit niet in mijn baarmoeder, dat zit altijd in mijn eierstokken en eileiders. Mijn baarmoeder is altijd de enige van wie ik op aan kan en die besluit me dus nu ook nog eens in de steek te laten. Van alle scenario’s die door mijn hoofd gingen vannacht, was dit er dus één die ik niet aan had zien komen.

De gynaecoloog vraagt of ik nog bloedverlies heb. Ja, dat is wel zo, maar echt maar een heel klein beetje. Ik wist niet dat dat zo erg was. Ik vraag aan hem of ik me al zorgen moet gaan maken, maar dat hoeft gelukkig niet. Ik moet gewoon doorgaan met spuiten en over drie dagen moet ik weer voor controle komen. Hopelijk is het bloeden dan gestopt, ziet de baarmoeder er goed uit én zijn er wat follikels te zien. Nou dat is wel een heleboel hopen.

Ik baal als een stekker, maar we geven niet op. Vol goede moed ga ik drie dagen later, na weer een nacht met weinig slaap, voor de volgende echo. Als ik plaatsneem in de wachtkamer, voel ik de zenuwen echt door mijn lijf gieren. Ik spreek mezelf toe dat ik me niet zo druk moet maken, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan als iets zo belangrijk voor je is.

Ik moet tien minuten wachten, maar het lijken er veel meer. Als ik eindelijk in de stoel lig, heb ik het echt niet meer. Op het scherm zie ik dat de gynaecoloog eerst naar de eierstokken kijkt. Rechts zitten vier follikels en links één. Allemaal tussen de 10 en 13 millimeter. Oké, weinig, maar beter dan niks. Maar hoe zit het dan met mijn baarmoeder, wil ik wel uitschreeuwen. Nou die ziet er prima uit, rustig en vijf millimeter dik. Jippie! Ik ben helemaal euforisch. Ja, vijf eitjes is weinig, maar daar begonnen we vorig jaar ook mee en dat is uiteindelijk ook allemaal goed gekomen.

Eerst goed nieuws, dan slecht nieuws en nu weer goed nieuws. Het is wel duidelijk, we zitten weer in de achtbaan. Al ben ik deze keer wel van plan om de dalingen over te slaan en de hele rit uit te zitten.

Liefs,
Patty

Sharing is caring!