Shit, mijn telefoon gaat, dat is natuurlijk de gynaecoloog. Ik zit in de auto en kan dus niet opnemen, maar het moet. Ik kwak de auto aan de kant en hoop maar dat er niet net toevallig politie voorbij komt. Ik zet mijn alarmlichten aan en neem op. Het is inderdaad de gynaecoloog om me bij te praten over het overleg van drie dagen geleden.

Hij vertelt me dat we de eerstvolgende cyclus meteen weer verder mogen. Yes! Deze keer moet ik in plaats van op dag vijf, op dag drie van de cyclus komen. Ze gaan dan kijken of de cyste echt weg is en of er al kleine follikels aanwezig zijn. Zo kunnen ze precies de juiste hoeveelheid hormonen voor de stimulatie instellen.

Zingend rij ik verder terug naar huis waar ik mijn man het goede nieuws vertel. Van alles wat we vandaag hadden kunnen horen, was dit toch wel de beste uitkomst!

De euforie is echter van korte duur, want twee dagen later begin ik ‘s avonds ineens te bloeden. Het is niet echt een menstruatie, maar het is natuurlijk ook niet goed. De volgende dag bel ik het ziekenhuis, waar ik een afspraak krijg voor een echo. De echo wordt ingepland op dag drie van de cyclus, voor het geval het wel een echte menstruatie mocht betreffen.

Twee dagen later ga ik naar het ziekenhuis. Helaas weer onder werktijd, maar gelukkig is er nu ook weer een collega die me op kan vangen tijdens mijn afwezigheid.

Aangekomen in het ziekenhuis zeg ik tegen de gynaecoloog dat ik zeker weet dat ik geen echte menstruatie heb gehad, want gistermiddag is het bloeden gestopt. Ook heb ik amper buikpijn gehad, terwijl ik tijdens een echte menstruatie niet eens normaal kan staan zonder een flinke dosis paracetamol en ibuprofen.

Bij het maken van de echo bevestigt de gynaecoloog mijn gevoel, er is geen sprake geweest van een menstruatie. Het baarmoederslijmvlies is nog dik. Hij neemt nog even een kijkje in de rechter eierstok, waar die dikke cyste me nog steeds aanstaart. En hij is weer een centimeter gegroeid.

Ik vraag de gynaecoloog of die cyste echt geen kwaad kan en of hij zeker weet dat het niks met endometriose te maken heeft. Volgens hem is dat echt niet zo. Ik gooi hem voor de voeten dat hij twee jaar geleden ook zei dat er niks aan de hand was en toen lag ik een paar maanden later met een ernstige dubbele ontsteking in het ziekenhuis. Hij zegt nogmaals dat ik me echt geen zorgen moet maken en dat dit gewoon weer domme pech is. Natuurlijk. Aangenaam, ik ben Patty ‘Domme pech’ Gerritsen.

Ik krijg een kuur primolut mee, een hormoonkuur om tussentijdse bloedingen te stoppen. De hoop is dan dat als de kuur klaar is over een week, ik een goede menstruatie krijg, de cyste uit zichzelf weggaat en dat we dan met een schone lei weer kunnen beginnen.

Ik rij snel terug naar mijn werk en laat alle informatie nog even door mijn hoofd gaan. Ik bedenk me ineens dat ik eigenlijk helemaal geen leuk nieuws heb gekregen. De cyste is gegroeid en we mogen de komende cyclus nog niet verder met ICSI. O mijn God, nee hé, ik ben toch niet op dat punt gekomen waarbij je zo vaak vervelend nieuws hebt gehad dat het je allemaal niks meer kan schelen!?

Ik zet een zielig liedje aan op de radio en probeer te huilen, maar dat lukt tot mijn frustratie niet. Mijn hoofd is verdrietig, maar mijn hart doet niet mee.

Weer aangekomen op mijn werk, loop ik als een zombie rond. Ik ben blij als ik eindelijk naar huis mag, waar ik mijn man op de bank zie zitten.

Hij staat op en geeft me een dikke knuffel. Hij kijkt me aan en vraagt me hoe het gaat. Mijn reflex gaat weer aan: ‘Goed hoor’. We praten even over de afspraak bij de gynaecoloog en mijn man vraagt wat ze gaan doen als de cyste niet vanzelf weggaat. En dan gebeurt het, de muur brokkelt af. Er rolt een traan over mijn wang en ik zeg dat ik het niet wil weten. Mijn man snapt me en laat het onderwerp rusten. En ik, ik ben bang, maar ook opgelucht. Mijn hoofd en hart zitten weer op één lijn.

Liefs,

Patty

Sharing is caring!